Van binnendijks
naar buite
ndijks

door Wietse van de Lageweg
Coördinator van de onderzoeksgroep Building with Nature

Zout water uit de Westerschelde stroomt sinds 25 juni 2015 twee keer per dag het natuurgebied bij Perkpolder in. Op die datum schoof een bulldozer de laatste resten van de zeedijk weg, waardoor een bres ontstond die het gebied in verbinding bracht met het estuarium. De indringing van zout water, de import van sediment en het ontstaan van kreken en slikken als gevolg van erosie en sedimentatie zijn sindsdien de vormgevers van het gebied. Dit dynamische milieu biedt kansen voor vogels, bodemdieren en vegetatie. Onderzoekers en studenten van de HZ bestuderen de ontwikkelingen in Perkpolder en dragen bij aan de kennis over ontpoldering. Om dit dynamische milieu te volgen maken ze elk halfjaar opnames van de hoogteligging, vegetatie, bodemgemeenschap en vogels.

Erosie en sedimentatie

Perkpolder ligt naast de voormalige veerhaven in Zeeuws Vlaanderen. Het is een laag-dynamisch en slibrijk gebied. In het grootste gedeelte zijn de hoogteverschillen tussen het begin en einde van de meetperiode tussen de 0 m en 0.5 m, maar vooral de diepe put bij de inlaat en de zuidelijke, kleinere, en hoger-gelegen kreken laten een opslibbing van enkele meters zien. Opvallend is dat de noordelijke, grotere kreken juist erosie in de orde van decimeters tot lokaal een meter laten zien. Dit toont aan dat de natuurlijke processen volop bezig zijn om de met bulldozer en kranen gegraven kreken aan te passen waardoor het natuurlijke karakter van het gebied steeds meer terugkomt.

Vegetatie

Er hebben zich nog geen planten gevestigd in Perkpolder. Monitoring laat zien dat aanvoer van zaad niet het probleem is. Het is vooral de lage ligging die voorkomt dat planten zich vestigen. De voortdurende opslibbing zal op den duur leiden tot plantengroei. De aangelegde geulen dragen daaraan bij, aangezien experimenten uitwijzen dat zaailingen het best overleven in goed afwaterende bodem.

Waarom ontpolderen?

De Westerschelde is een Natura 2000-gebied met een unieke ecologie dat van internationaal belang is voor een groot aantal vogels. De bij eb droogvallende slikken en zandplaten zijn essentiële foerageergebieden voor tienduizenden steltlopers. Deze zogenaamde intergetijdengebieden zijn zeer productieve milieus waar het grootste deel van de schelp- en schaaldieren en wormen leeft. Tegelijkertijd is de Westerschelde een belangrijke economische ader die zorgt voor de toegang tot de havens van Antwerpen en Vlissingen. Omdat de schepen steeds groter worden en omdat zich in de geulen van de Westerschelde van nature drempels van zand vormen, moet de vaargeul regelmatig verdiept worden. Door het verdiepen van de geulen in de Westerschelde neemt de stroomsnelheid toe en worden de randen van de zandplaten steiler: ondiepwatergebieden en lage intergetijdengebieden nemen daardoor af. Ontpoldering is een van de mogelijkheden om intergetijdengebieden te herstellen en daarmee kansen te creëren voor natuur en maatschappij.

Bodemdieren en vogels

De ontwikkeling van de bodemgemeenschap door het getijherstel in Perkpolder gaat sneller dan voorzien. Er heeft zich in een korte tijd een biologisch actief slikkengebied gevormd. Binnen drie jaar vertoont de bodemgemeenschap een ontwikkeling die lijkt op die van de natuurlijke slikken en platen in de Westerschelde. Het is de verwachting dat een stabiele gemeenschap zal ontstaan binnen enkele jaren in plaats van decennia, zoals oorspronkelijk gedacht. Het gebied wordt ook vaak bezocht door vogels die bij laagwater foerageren en tijdens hoogtij op de omliggende dijken rusten.

Grondwater en kwelvoorziening

Om het gebied zijn nieuwe zeedijken gebouwd en de bestaande dijken zijn versterkt om het achterland te beschermen tegen overstromingen. Achter de dijk is een systeem aangelegd dat de zoute kwel opvangt die onder de dijk door sijpelt. Grondwatermetingen laten zien dat het kwelsysteem effectief is. Dit betekent dat het in staat is om de landbouw in het achterland te beschermen tegen ongewenst zout water. Drie jaar na het openen van het gebied zien we geen veranderingen in de zoet-zoutwaterovergang. Bovendien is gebleken dat het kwelsysteem ook kan worden gebruikt om de hoeveelheid zoet water in de bodem te laten toenemen tijdens periodes met veel neerslag.

Ten slotte
De huidige monitoring geeft belangrijke inzichten in het ontwerp van de inlaat, de afmetingen van de gegraven getijdenkreken, de topografie van de slikken en hoe deze van invloed zijn op de morfologische en ecologische ontwikkeling na getijdeherstel. Daarnaast is unieke kennis verkregen over de effectiviteit van een kwelinstallatie om de omringende zoete landbouwgebieden te beschermen. De samenwerkende partners hebben de intentie om de monitoring in Perkpolder voort te zetten met als doel een beter inzicht te krijgen in de middellange (4-10 jaar) effecten van getijherstel op abiotische en biotische factoren. Perkpolder biedt een unieke gelegenheid om de fysische en ecologische veranderingen te volgen en te bestuderen in een gebied dat transformeert van een agrarisch gebied naar een getijdegebied. Er is niet veel bekend over deze overgang. Perkpolder vormt daarmee een blauwdruk voor toekomstige natuurcompensatieprojecten zoals de Hedwige-Prosperpolder.

Meer informatie over Perkpolder vindt u hier.

Beeld: © HZ / Edwin Paree