Zoetwaterschaarste in Zeeuws Vlaanderen

Innovatieve oplossingen voor landbouw en industrie in een kustregio

Emma McAteer, coördinator onderzoeksgroep Water Technology Ageeth van Maldegem, coördinator en senior onderzoeker kenniscentrum Ondernemen en Innoveren Niels Groot, lector onderzoeksgroep Water Technology

In de afgelopen jaren zijn de zoetwatervoorraden in kustgebieden steeds meer onder druk komen te staan door vaker optredende droogte, verzilting en het verlies van zoet water via drainage naar zee. Vooral de sectoren die afhankelijk zijn van zoetwaterbronnen worden hierdoor getroffen. In het gebied van de Zuidelijke Braakman in Zeeuws Vlaanderen gaat het om Dow Benelux bv en de lokale landbouw. Het zoetwaterverbruik van Dow is groot en wordt afgedekt met hergebruik en zoetwateraanvoer van buiten Zeeland. Daarnaast is er de lokale agrarische sector die in de afgelopen zomers veel te lijden heeft gehad van zoetwatergebrek. Beide partijen hebben behoefte aan een meer lokale oplossing voor de zoetwatervoorziening. De onderzoekers van twee onderzoeksgroepen en studenten van verschillende opleidingen van de HZ helpen om duurzame lokale oplossingen voor dit mondiale probleem te vinden.

FRESH4C's: De Dow-studie De vestiging van Dow in Terneuzen heeft een enorme zoetwaterbehoefte van 22 miljoen m³ per jaar. Omdat het omringende oppervlakte- en grondwater licht brak is wordt er veel water hergebruikt om aan deze behoefte te voldoen. Toch moet Dow een aanzienlijk deel (4-5 miljoen m³) van het water met een pijpleiding aanvoeren. Om hiervan minder afhankelijk te zijn, gebruikt Dow het Interreg 2Seas FRESH4Cs-project om de mogelijkheden voor zoetwatervoorziening in de buurt te onderzoeken. Vanuit een technisch perspectief onderzoekt het project ondergrondse opslag van zoet water in bijvoorbeeld een bestaande watervoerende laag. Als de bodem-omstandigheden gunstig zijn (klei versus zand) en de waterhoudende grondlaag voldoende capaciteit heeft, is dit een mogelijke wijze van opslag. Dit betekent dat overtollig zoet water, zoals neerslag in de winter, ondergronds wordt opgeslagen en later wordt onttrokken voor gebruik in tijden van schaarste, zoals tijdens een zomerdroogte. Dow heeft aangeboden om de mogelijkheid te onderzoeken samen te werken met regionale boeren en landeigenaren, waarbij ook zij baat hebben bij de beschikbaarheid van zoet water in droge tijden.

Ook sociaal-economisch onderzoek Samen met Deltares helpt de HZ onderzoeksgroep Water Technology Dow met het technisch onderzoek. Het doel is geschikte locaties voor ondergrondse opslag te vinden en deze uiteindelijk te vernauwen tot één locatie voor een proefinstallatie. De technische aspecten zijn natuurlijk essentieel om te onderzoeken, maar ze zijn niet de enige overwegingen in dit project. Het HZ Kenniscentrum Ondernemen en Innoveren onderzoekt de juridische, beleidsmatige, economische en maatschappelijke factoren die in een dergelijk scenario een barrière of kans zijn. Op het moment van schrijven is er al een brede groep belanghebbenden in België, Nederland en het Verenigd Koninkrijk geïnterviewd om grensoverschrijdend inzicht te krijgen in het waterbeheer en de verschillen in aanpak.

Lokale samenwerking In oktober 2019 en maart 2020 hebben Dow en de HZ workshops georganiseerd met lokale belanghebbenden om de doelstellingen van het project toe te lichten en de laatste resultaten van de technische onderzoeken te presenteren. Tijdens de workshops hebben geïnteresseerde boeren uit de omgeving hun percelen op kaarten toegelicht, zodat een eerste onderzoek kon worden uitgevoerd naar de geschiktheid voor ondergrondse wateropslag. Er werd ook een begin gemaakt met het onderzoek naar de belangstelling onder de landbouwers en de voorwaarden voor de gezamenlijke exploitatie van een dergelijke opslag. Uit gesprekken tijdens de workshops is gebleken dat de samenwerking tussen de landbouwers momenteel beperkt is. De aanwezige boeren toonden echter een grote interesse om te leren hoe door samenwerking de beschikbaarheid van water kan worden vergroot en tegelijkertijd slim gebruik kan worden gemaakt van de beschikbare infrastructuur. Een dergelijke samenwerking zou van grote waarde zijn, omdat droogte de inkomsten van de boeren met 20-50% kan verminderen. Eén van de boeren die bij de laatste workshop aanwezig was merkte op: "We hebben in het verleden al enkele investeringen gedaan in diepe afwatering, maar nu moeten we ze zeker uitbreiden. De vraag is nu hoe we dit op een slimme manier doen, ook gezien de plannen van anderen."

Interdisciplinair werken en leren De onderzoekers van de HZ hebben vanuit hun achtergronden watertechnologie en economie gezien dat dit project een unieke interdisciplinaire leermogelijkheid biedt voor studenten uit verschillende HZ-domeinen. De betrokken studenten zijn tot nu toe afkomstig uit bacheloropleidingen zoals HBO-ICT, communicatie, commerciële economie, bedrijfskunde en watermanagement, maar ook uit de masteropleiding River Delta Development. Op deze manier brengt elke student zijn eigen ervaring en perspectief in het project, waardoor ze effectiever samenwerken aan complexe vraagstukken, terwijl ze worden ondersteund door HZ-onderzoekers en experts uit het veld. De studenten zijn actief betrokken geweest bij de samenkomsten van belanghebbenden, het organiseren en rapporteren van workshops en het vervolgens interviewen van geïnteresseerde boeren. Een kleine groep vergezelde de onderzoekers zelfs naar het Verenigd Koninkrijk voor persoonlijke interviews met belanghebbenden van het bredere FRESH4Cs-project. De studenten hadden veel waardering voor de praktijkomgeving voor het oefenen van interview- en analysevaardigheden, terwijl de nauwe samenwerking met de onderzoekers hun de durf gaf om buiten hun comfortzone te treden. De interactie met studenten buiten hun eigen studieprogramma introduceerde duidelijk nieuwe perspectieven en hielp de studenten bij het bereiken van diepere niveaus van inzichten. Zoals een examinator van de minor over één van de studenten zei: "Voorafgaand aan deze minor was hij niet echt bewust van de zoetwaterschaarste in onze regio en nu houdt hij een lezing van tien minuten, die een vrij goed overzicht geeft van de brede waaier aan problemen, de belanghebbenden en de complexiteit die erbij horen."

Van papier naar proef De volgende stap in de Dow-case binnen het FRESH4Cs-project zijn diepte-interviews die de onderzoekers houden met de boeren die hun interesse in een samenwerking kenbaar hebben gemaakt. Door deze sociaal-economische evaluatie te combineren met de technische beoordeling van geschikte opslaglocaties worden in de zomermaanden twee tot drie voorkeurslocaties uitgelicht voor verder technisch onderzoek in de vorm van veldmetingen die uiteindelijk leiden tot de selectie van een geschikte locatie voor een fysieke proefinstallatie.

Workshop

Een essentiële bron Naar schatting is slechts 2,5% van de totale waterhoeveelheid in de wereld zoet water. 70% daarvan is opgesloten in gletsjers en ijskappen en bijna 30% bevindt zich ondergronds. Het hoeft dan ook geen verbazing te wekken dat de zoetwaterbronnen onder druk staan en dat de beschikbaarheid van zoet water steeds schaarser wordt. Dit probleem wordt nog verergerd door de snel groeiende wereldbevolking en de groei van water intensieve processen zoals de landbouw en de industrie. Zoet water is een essentiële hulpbron voor de natuurlijke ecosystemen en het menselijk levensonderhoud, maar wat kan er worden gedaan als deze bron wordt bedreigd? FRESH4Cs is een project dat wordt gefinancierd door het Interreg 2 Seas Programme en dat zich richt op de vraag hoe alternatieve zoetwaterbronnen worden gecreëerd of zoet water opgeslagen in kustgebieden voor later gebruik in tijden van nood.

Waarom kustgebieden? Het FRESH4Cs-project richt zich specifiek op alternatieve zoetwaterbronnen in kustgebieden in Nederland, België en het Verenigd Koninkrijk. De betrokken partners van elk land hebben te maken gehad met zoetwaterschaarste en droogte in de kustgebieden, vooral in de afgelopen jaren toen de zomers warmer en droger waren. Alle landgebieden kunnen te maken krijgen met droogte en zoetwaterschaarste, maar de kustgebieden hebben de extra dreiging van verzilting, het binnendringen van zout water uit de zee dat zich ondergronds het binnenland in beweegt. Deze verzilting verontreinigt de bestaande zoetwatervoorraden en beperkt de opbrengst van landbouwgewassen. De landbouw wordt zwaar getroffen door verzilting en zoetwaterschaarste, maar ook andere sectoren voelen de druk. Elke water intensieve industrie in een kustgebied voelt zich mogelijk geïsoleerd van zoetwaterbronnen en kan daardoor afhankelijk zijn van externe aanvoer.

Leden projectgroep van Fresh4C's:

  • Emma Mc Ateer, coördinator onderzoeksgroep Water Technology (foto linksboven)
  • Ageeth van Maldegem, coördinator en senior onderzoeker Kenniscentrum Ondernemen en Innoveren (foto links midden)
  • Niels Groot, lector Water Technology en waterspecialist Dow (foto linksonder)
  • Hans Cappon, associate lector Water Technology
  • Bart Letterie, docent Water Technology
  • Stef Bleyenberg, onderzoeker Kenniscentrum Ondernemen en Innoveren
  • Mariska Polderman – Karreman, projectmanager Kenniscentrum Ondernemen en Innoveren