Het academische superioriteitstgevoel

Column docent-onderzoeker Nathalie van de Zande

Op 14 maart begint dhr. Jan Derksen, emeritus hoogleraar klinische psychologie zijn brief aan het NRC als volgt: “In de niet aflatende pogingen van de Nederlandse hbo-opleidingen om op de universiteit te gaan lijken, is nu een volgende fase aangebroken: ‘professional doctor (PD)’.” In de rest van zijn brief fulmineert hij tegen alles wat volgens hem niet deugt aan het hbo, van hun inferioriteitsgevoel tot aan een gebrek aan identiteit, waarbij hij terloops ook de wetenschappelijke onderzoekscultuur bij zowel hbo als universiteit een veeg uit de pan geeft. Als onderzoeker die zowel binnen het hbo als de universiteit actief is (geweest), voel ik mij toch genoodzaakt hierop te reageren. In de niet aflatende pogingen van de Nederlandse universiteiten om zo hoog mogelijk in hun ivoren toren te kruipen, doet de heer Derksen hier namelijk wat academici altijd doen: afgeven op alles dat niet in hun hooggeleerde straatje past. Eerst was het op de invoering van de benamingen ‘bachelor’ en ‘master’, bedoeld om beter aan te sluiten bij de internationalisering van het onderwijs en doorstroming te vereenvoudigen. Nu weer op de invoering van de graad ‘professional doctor’, bedoeld om onderzoek en praktijk dichter bij elkaar te brengen. De gemiddelde gepromoveerde academicus zit namelijk helemaal niet te wachten op doorstroming en vereenvoudiging en kijkt neer op zoiets onbenulligs als de praktijk!

Het superioreitsgevoel van de academische instellingen is kennelijk zo groot dat in plaats van het hbo te zien als een bondgenoot en één van de treden op een gezamenlijke trap richting goed onderwijs en onderzoek, ze liever de ladder onder ze vandaan trappen.

Misschien komt het door de niet-aflatende kritiek over de beperkte bruikbaarheid van het meeste wetenschappelijk onderzoek. Misschien komt het door de doorgeslagen subsidiegedrevenheid en de verziekte publicatiecultuur. Misschien komt het door de extreem nauwe doorgang naar de academische top, een doorgang vooral op maat van blanke mannen op leeftijd en waar maar plek is voor een enkeling. Problemen waar het hbo veel minder mee kampt. De ander neerhalen om de indruk te wekken er zelf beter voor te staan, is een teken van zwakheid. De pijn van de minderwaardigheid zit helemaal niet bij de hbo’s zoals de heer Derksen beweert, maar juist bij de universiteiten die voelen dat ze aan alle kanten voorbij worden gestreefd. Opvallend is ook dat de heer Derksen met één en dezelfde zwaai van zijn zwaard zijn eigen academische cultuur aanvalt, door te beweren dat de meeste universitaire studies tijd verspillen aan het onderwijzen van onderzoeksvaardigheden. Blijkbaar vindt hij wetenschappelijke methodologie op elk niveau verspilde moeite. Hij schijnt te zijn vergeten dat een onderzoekende houding en de bijbehorende analytische capaciteiten voor elke professional zeer nuttig zijn, niet alleen diegenen die onderzoek doen. Het zou de heer Derksen sieren de hand te reiken naar het hbo, in plaats van blind uit zijn torenraampje naar beneden te spugen. Hopelijk zijn columns als deze de laatste stuiptrekkingen van een uitstervend ras: die van de arrogante academicus. Misschien een interessant onderwerp voor een professional doctoraatstraject? Nathalie van de Zande, docent-onderzoeker Healthy Region